De eerste sociale controles dienen zich aan om na te gaan of het mobiliteitsbudget niet het voorwerp uitmaakt van een omzetting van auteursrechten

De eerste sociale controles dienen zich aan om na te gaan of het mobiliteitsbudget niet het voorwerp uitmaakt van een omzetting van auteursrechten
Werkgevers die het wegvallen van het (para)fiscaal gunstige regime rond de auteursrechten hebben opgevangen door de invoering van een mobiliteitsbudget, lopen een zeer groot risico. Zowel de waarschijnlijkheid dat het risico zich stelt als de financiële impact van het risico wanneer het zich stelt, zijn bijzonder groot. Het risico op het vlak van sociale zekerheid - met name de achterstallige werkgevers- én werknemersbijdragen voor RSZ - komt in elk geval uitsluitend ten laste van de werkgever. De werkgever kan de werknemersbijdragen achteraf niet verhalen op de werknemer. In deze blog post ontdek je er meer over.

Met ingang van 1 januari 2024 is het regime rond auteursrechten - dat (para)fiscaal een zeer gunstig kent - verstrengd, waardoor bepaalde functies of zelfs sectoren daar niet langer aanspraak op konden maken. De sector die daardoor het zwaarst getroffen werd, is ongetwijfeld de IT-sector.

Welnu, door de verstrenging van het regime rond de auteursrechten zijn veel bedrijven op zoek gegaan naar andere manieren van alternatieve verloning. Een van de meest efficiënte vormen van alternatieve verloning is het mobiliteitsbudget, waarbij in vele gevallen kost zo goed als gelijk is aan netto.

Een mobiliteitsbudget is een budget dat wordt gecreëerd door het inruilen van (het recht op) de terbeschikkingstelling van een bedrijfswagen. Dat budget kan de werknemer gebruiken om op een andere, meer duurzame manier zijn/haar mobiliteitsbehoeften in te vullen. Werknemers die ervoor kiezen om in te stappen in het mobiliteitsbudget doen dat omdat ze er netto een pak op vooruitgaan, doordat ze bijvoorbeeld een deel of het volledige mobiliteitsbudget kunnen gebruiken om de hypothecaire lening of de maandelijkse huur mee te betalen.

Om het heel erg tastbaar te maken. Het mobiliteitsbudget is (kort samengevat) gelijk aan de total cost of ownership (TCO) voor de werkgever. Een TCO van 10.000 EUR per jaar is verre van uitzonderlijk. Afhankelijk van waaraan de werknemer het mobiliteitsbudget besteedt, kan die 10.000 EUR per jaar netto op de rekening van de werknemer komen - bijvoorbeeld wanneer de werknemer daarmee de hypothecaire lening van diens woning mee afbetaalt.

Nu, het mobiliteitsbudget kan enkel gecreëerd worden door het omruilen van (een recht op) de terbeschikkingstelling van een bedrijfswagen. Die bedrijfswagen mag zelf uiteraard niet het voorwerp uitmaken van een brutoloonruil (ook wel een salary sacrifice genoemd) of het omzetten van enig ander voordeel, of dat voordeel is vrijgesteld van RSZ-bijdragen of niet. Anders zou het wel heel erg gemakkelijk zijn om het loon en de loonkost te optimaliseren.

Het wegvallen van de auteursrechten compenseren door het ter beschikking stellen van een bedrijfswagen die onmiddellijk wordt ingeruild voor een mobiliteitsbudget, is dus niet toegelaten.

Desalniettemin hebben bepaalde consultants en providers van mobiliteitsbudgetten het mobiliteitsbudget gepromoot als alternatief voor het wegvallen van het regime van auteursrechten. Ten onrechte, het is juridisch zelfs geen grijze zone.

En nu blijkt uit de praktijk dat de eerste sociale controles zich aandienen.

Wat nu maakt dat het risico zo hoog is, welke factoren het risico verder kunnen vergroten en hoe je de financiële impact van het risico kan inschatten, dat ontdek je in deze blog post.

Wat maakt dat het risico zo groot is?

Wanneer we de ernst van risico’s in het kader van loonbeleid en sociale zekerheid beoordelen, benaderen we dit vanuit twee dimensies:

  1. de waarschijnlijkheid dat het risico zich stelt; en
  2. de financiële impact van het risico wanneer het zich stelt.

In dit luik bespreken we de redenen waarom de waarschijnlijkheid dat het risico zich stelt zo hoog is. Het zijn er een vijftal:

  • het is zeer gemakkelijk vast te stellen door de inspectie
  • juridisch kan er geen enkele discussie zijn
  • financieel levert dit een vette kluif op voor de RSZ
  • de federale overheid en in het bijzonder de sociale zekerheid hebben budgettaire tekorten
  • het recentheidseffect speelt mee

Zeer gemakkelijk vast te stellen

Wie wel of niet een bedrijfswagen ter beschikking heeft, is gekend bij de RSZ. Meer zelfs, de data die de RSZ reeds heeft, zou men kunnen gaan analyseren, waardoor men zeer gericht controles kan gaan uitoefenen.

Een werknemer die kort na of samen met het wegvallen van de toekenning van een vergoeding auteursrechten een recht op een bedrijfswagen toegekend krijgt, die onmiddellijk in een mobiliteitsbudget wordt omgezet, is gemakkelijk te identificeren.

Werknemers die na het wegvallen van de vergoeding auteursrechten een recht op een (veel) duurdere bedrijfswagen krijgen, zijn gemakkelijk te identificeren.

Een wijziging aan de car policy kort na of samen met het wegvallen van de vergoeding auteursrechten, is gemakkelijk te identificeren.

Geen discussie

Wanneer uit de feiten blijkt dat de vergoedingen auteursrechten inderdaad - zij het onrechtstreeks - zijn vervangen door een mobiliteitsbudget, dan heeft de werkgever juridisch geen enkel verhaal.

De wet op het mobiliteitsbudget bepaalt uitdrukkelijk dat een mobiliteitsbudget of het aan de basis daarvan liggende recht op een bedrijfswagen niet mag toegekend zijn ter vervanging of omzetting  van enig ander voordeel.

Grote winst voor de RSZ

Het feit dat de financiële impact van het risico wanneer het zich stelt zo hoog is - waardoor de winst voor de RSZ zeer groot is -, is op zich een driver voor de waarschijnlijkheid dat het risico zich zal stellen. Hoe hoger de potentiële win voor de RSZ, hoe hoger het op de prioriteitenlijst van de RSZ zal staan.

Verderop in deze blog post bespreken we hoe je de financiële impact kan begroten en wat maakt dat die zo substantieel is.

Budgettaire tekorten

De federale overheid heeft te kampen met massale budgettaire tekorten. En dus moet men op zoek naar financiële middelen. Een van de kanalen om geld in het laatje te brengen, is het verscherpen van fiscale en RSZ-controles.

Gelet op het feit dat er juridisch geen discussie kan bestaan, dat een schending van de wet op het mobiliteitsbudget gemakkelijk te identificeren is en dat er een grote winst is voor de RSZ, maakt dat controles op een correcte implementatie van het mobiliteitsbudget mogelijks een van de speerpunten zal worden in het kader van controles.

Recentheidseffect

Zowel de wet op het mobiliteitsbudget als het verstrengen van het auteursrechtenregime zijn recente gegevens, waardoor die top of mind zijn - ook en misschien des te meer bij de inspectiediensten.

Wat verhoogt het risico?

Er zijn een drietal parameters die het risico op herkwalificatie van het mobiliteitsbudget verhogen en die we hierboven reeds kort hebben aangeraakt.

Een eerste parameter is de timing van de invoering van het mobiliteitsbudget. Wanneer het mobiliteitsbudget kort na of onmiddellijk na het wegvallen van de auteursrechten is ingevoerd of wanneer er slechts een beperkte overlap was tussen het moment waarop het mobiliteitsbudget is ingevoerd en het moment vanaf wanneer de auteursrechten zijn weggevallen, dan zal dat het risico mogelijks doen verhogen.

Een tweede parameter die het risico kan verhogen is of werknemers die pas met het wegvallen van de auteursrechten een recht op de terbeschikkingstelling van een bedrijfswagen krijgen en voordien dus geen recht op een bedrijfswagen hadden. Daardoor zouden de inspectiediensten een causaal verband kunnen vermoeden tussen de invoering van het mobiliteitsbudget en het wegvallen van de auteursrechten.

Een derde parameter is de rol van bepaalde consultants en providers. Niet nader genoemde consultants en providers hebben in traditionele media maar ook op sociale media onomwonden verkondigd dat het mobiliteitsbudget een alternatief kan zijn om het wegvallen van de auteursrechten te compenseren. Werkgevers die zich door deze consultants hebben laten adviseren, zullen alvast de schijn tegen hebben dat de invoering van het mobiliteitsbudget niets te maken had met het wegvallen van de auteursrechten.

Financiële impact van het risico

Drivers van de impact

In geval van schending van het mobiliteitsbudget moet men voor de berekening van de RSZ-bijdragen ervan uitgaan dat er geen mobiliteitsbudget is toegekend en moeten we dus kijken naar elk afzonderlijk voordeel waaraan het budget is gespendeerd.

Een voorbeeld. Stel dat men onterecht een mobiliteitsbudget heeft gekregen en men heeft het mobiliteitsbudget gespendeerd aan een leasefiets die men gebruikt voor het woon-werkverkeer en een fietsvergoeding. Wel, dan moet men kijken naar het parafiscaal statuut van de leasefiets resp. fietsvergoeding. Beide zijn vrijgesteld (weze het wel dat de fietsvergoeding in de personenbelasting sinds kort geplafonneerd is), waardoor het wegvallen van het mobiliteitsbudget in dit geval geen impact heeft.

Nu, de praktijk van het mobiliteitsbudget wijst uit dat het gros van de werknemers het mobiliteitsbudget spenderen aan de betaling van de maandelijkse huur of aflossingen van het hypothecair krediet. Enkel binnen pijler 2 van het mobiliteitsbudget kent de huisvestingskost een specifiek (para)fiscaal statuut. Daarbuiten niet.

Lees: zonder mobiliteitsbudget zijn dit betalingen van een brutoloon, waarop de werkgever heeft nagelaten werknemersbijdragen voor RSZ en bedrijfsvoorheffing in te houden alsook werkgeversbijdragen voor RSZ te betalen.

Ook het verwerven van een fiets in eigendom dat is vrijgesteld van belastingen en sociale zekerheid, kan enkel binnen pijler 2 van mobiliteitsbudget, maar niet daarbuiten.

Een concreet cijfervoorbeeld

In ons cijfervoorbeeld gaan we ervan uit dat 25 werknemers hebben ingetekend op het mobiliteitsbudget dat gemiddeld 10.000 EUR per werknemer bedraagt. Elke werknemer besteedt 100% van het mobiliteitsbudget aan huisvesting - hetzij de betaling van de mensualiteiten van de hypothecaire lening, hetzij de betaling van de maandelijkse huur.

Dit cijfervoorbeeld is enigszins vereenvoudigd:

  • Het cijfervoorbeeld overschat (zij het beperkt) de verwijlintresten (7% op jaarbasis), omdat die verschuldigd zijn per kwartaal. Het eerste kwartaal zal dus een hogere verwijlintrest genereren dan het laatste kwartaal.
  • Er is nog geen rekening gehouden met vakantiegeld of eindejaarspremie dat mogelijks verschuldigd is op het hergekwalifeerde mobiliteitsbudget of met strafrechtelijke sancties wegens het niet betalen van de RSZ-bijdragen of vakantiegeld.

De werknemersbijdragen voor RSZ kunnen door de werkgever achteraf niet gerecupereerd worden van de werknemer. Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever om dit tijdig te doen. Doet hij dit niet, dan is hij en enkel hij daarvoor aansprakelijk. Het principe is zelfs van openbare orde. Lees: een overeenkomst sluiten met de werknemer die ermee akkoord gaat dat de werkgever alsnog de werknemersbijdragen inhoudt, kan dus niet. De enige mogelijkheid bestaat erin dat de betrokken werknemers vrijwillig het bedrag van de werknemersbijdragen aan de werkgever terugbetaald. Het hoeft weinig betoog dat niet al te veel werknemers zich hiertoe geroepen zullen voelen.

Het cijfervoorbeeld hierboven gaat uit van één te regulariseren jaar. De RSZ kan tot drie jaar teruggaan (en tot zever jaar in geval van fraude).

Met andere woorden, wanneer je als werkgever gedurende drie jaar een mobiliteitsbudget blijft handhaven dat in strijd is met de wet mobiliteitsbudget, dan kan dat mogelijks zeer ernstige gevolgen hebben. Nogmaals, het uiteindelijke financiële risico hangt af van de aard van de voordelen waaraan de werknemer het mobiliteitsbudget besteedt.

Actie is noodzakelijk

Stel dat je als werkgever inderdaad het mobiliteitsbudget hebt ingevoerd om het wegvallen van de auteursrechten te compenseren, dan móét je actie ondernemen.

Ervan uitgaan dat je niet bij de gelukkigen van een sociale controle zal horen, is risicovol - te meer omdat de RSZ in staat is om voorafgaandelijke data-analyse te doen op de gegevens die zij reeds heeft en dus gerichte controles kan uitvoeren.

Bovendien neemt het risico alleen maar toe naarmate je het mobiliteitsbudget blijft handhaven, omdat de financiële impact van het risico almaar toeneemt in de tijd.

Welke actie je moet ondernemen om het risico te mitigeren, zal uiteraard afhangen van jouw concrete omstandigheden.

Op de hoogte blijven?

Dank je wel! We hebben jouw bericht goed ontvangen!
Oops! Something went wrong while submitting the form.